Een MissLipgloss artikel
Bordeaux dag 3: Chateaus in Saint Emilion
Op zondag worden we wakker in het sprookjesachtige Chateau Fleur de Roques. We gaan naar het pittoreske Saint-Emillion, bezoeken chateaus in de omgeving en komen aan bij onze laatste verblijfplaats: het adembenemende Les Sources de Caudalie.
Ik ben voor deze trip uitgenodigd door de regio Aquitaine.
De foto’s zijn gemaakt door Mariët Mons.

Goedemorgen zeg, wakker worden met dit uitzicht vanuit Chateau Fleur de Roques is geen enkel probleem.

Overal mooie deuren, muren, planten en combinaties van de drie.


We maken een wandeling rondom het chateau, en dat is eentonig: heel mooi. Overal wijnvelden.

We zoeken de bedrijvigheid weer even op en krijgen een tour door Saint-Emilion. Hier staan we bovenop de kerk en vertelt de gids ons dat de kalksteen die overal gebruikt wordt enorm poreus en kwetsbaar is en dat je dat hier dus net even heel goed zit. Al die gaten komen door de regen en door vogels, vertelt ze. Tijd voor vervanging. Ik moet er ook even met mijn tengels aanzitten, natuurlijk.

Uitzicht vanaf de kerk over Saint-Emilion. Overal zie je kleine verborgen tuintjes – en stel je voor dat er een gangenstelsel van 200 kilometer lang onder dit dorp ligt. Vroeger zijn die gegraven om er kalksteen uit te winnen waar dit dorp en vele dorpen en steden in de omgeving mee gebouwd zijn. Veel van die gangen worden nu gebruikt als wijnkelders, gezien de omstandigheden daar optimaal voor zijn zo onder de grond.

Er wonen maar 2.000 mensen hier in het dorp, de meeste gebouwen zijn winkels of restaurants. Het is een mega toeristisch dorp: in de zomer ziet het er zwart van de mensen. Nu was het iets rustiger: we zijn net na het seizoen.

Ik ben niet boos, ik luister. 😉

Door het dorp vind je veel van dit soort mega steile straatjes. Goed vasthouden, met regen is het superglad.

Met de gids gaan we onder de grond: dit is Saint Emilion zelf, de oprichter van het dorp. In deze grot woonde hij toen hij hier aankwam.

Deze oude kapel is familiebezit, de schilderingen op het plafond zijn origineel.

En hier vlakbij werden mensen van adel begraven.

Deze meneer wordt Bruno genoemd, goedemorgen.

Onder de grond is ook een complete kerk die nog zo af en toe voor plechtigheden gebruikt wordt. Herken je deze meneer? Het is Sint Nikolaas.

We verplaatsen ons weer naar boven de grond en het is gewoon té pittoresk.

Overal zie je van dit soort binnenplaatjes, met veel groen, bankjes en gezelligheid.




We gaan naar de tuin van het Les Cordeliers klooster middenin het dorp. Dit klooster werd in 1400 opgericht door Fransiscaner monniken. Tegenwoordig is het privé eigendom en kan je de kloostertuinen vrij bezoeken. Ook kan je er wijn proeven, evenementen organiseren en picknicken.

Je kan een picknickmand kopen bij de entree, tijd om die even te legen 😉


Wa’s dat dan?

Ja, Mariët is er ook! Proost!




Bij een bakker in Saint Emilion halen we deze koekjes. De achterste zijn macarons de Saint Emilion en de voorste zijn Canelés uit Bordeaux.

In het gangenstelsen onder het klooster wordt een mousserende wijn gemaakt. De constante temperatuur van twaalf graden maakt het de perfecte omgeving voor het fermenteren van wijn.
Voor deze wijn wordt de ‘champenoise’ methode gebruikt: de druiven worden met de hand geplukt en worden licht gekneusd met een pers. Ze worden meteen in flessen gedaan met gist en suiker waardoor een natuurlijke gisting ontstaat, hierdoor komen er bubbels in de wijn. Een jaar lang worden de flessen dagelijks rondgedraaid. Hierna komt er ‘liqueur d’expedition’ bij (een mix van de basiswijn met suiker), waarna de kurk erop komt.


Elke dag worden al deze flessen rondgedraaid – wat een werk!

De mooie kerk waar we aan het begin van de tour bovenop stonden.



Vanuit Saint Emilion rijden we naar Chateau Fombrauge, een vrij bekend wijnhuis uit de omgeving. In de tuin staan allemaal grote wijnflessen beschilderd door kunstenaars.


Dit chateau heeft één verdieping maar is desalniettemin enorm.


Van binnen is alles heel traditioneel gehouden, zo chic!

Chateau Fombrauge heeft 58 hectare wijnvelden (en is daarmee het grootste wijnveld in Saint Emilion) en de eerste oogst vond plaats in 1599.
Fombrauge werkt met de laatste technologieën, maar gebruikt ook traditionele manieren om wijn te maken. Zo worden de druiven nog met de hand geplukt, niet met machines, wat bij veel andere wijngaarden wel gebeurd.





In de wijnkelder! Alle wijnen in deze kelder worden in Frans eikenhout gerijpt. Ze gebruiken ook cementen tanks, roestvrij staal en terracotta potten.

De vaten komen van allerlei verschillende vatenmakers. Zie je de ‘M’ op dit vat? Dit staat voor de mate van branding van het hout aan de binnenkant, en die branding zorgt voor een andere smaak.

In deze ruimte vindt de gisting plaats – de alcohol komt hier in de wijn.

In deze kelder liggen héle oude wijnen van Chateau Fombrauge.


Goed jaar hoor, 1990… 😉



We gaan proeven! Eerst even de druiven beoordelen op smaak en tannines.

Deze flessen zijn gemaakt door Baccarat en zijn van kristal.


Proeven! Het leukste deel. Zowel de witte als de rode wijn vind ik erg lekker. Niet teveel tannines (dus niet echt stroef in de mond), veel rood fruit en heel soepel.

De witte wijn is een hele sterke, volle wijn met noten van gestoofd fruit die lekker is bij lichte, witte kazen zoals geitenkaas.

We komen aan bij ons laatste verblijf en zien daar een parkeerplaats vol met héle dikke auto’s… Wow! Als ik er naar vraag blijkt dat er een bijeenkomst is van een groep autoliefhebbers. Wauw.

We slapen en eten vannacht bij Les Sources De Caudalie, een prachtig spahotel op een halfuurtje van Bordeaux. Het hotel is omringd door wijnvelden en kijkt uit op Chateau Smith Haut Lafitte.

Chateau Smith Haut Lafitte. Het chateau en het hotel zijn van dezelfde eigenaren.

Een van de restaurants bij Les Sources de Caudalie.

Les Sources de Caudalie is opgericht in 1999. Het concept achter het hotel is geïnspireerd door de ‘Franse paradox’ – het idee dat het Franse dieet en lifestyle zorgt voor een goede gezondheid. Architect Yves Collet ontwierp alle gebouwen. Alles ziet er heel oud en traditioneel uit, mede doordat er oude materialen uit de omgeving zijn gebruikt.


Rondom het hoofdgebouw staan een aantal prachtige gebouwen. In de meesten zitten kamers en/of suites, in anderen weer een restaurant of zwembad.


Het terras bij het restaurant.

Dit huisje kan je los huren, hoe romantisch.

De eigen kruidentuin bij het restaurant.

Even een kijkje in een suite…

Hier zie je goed dat er gebruik gemaakt is van oude materialen om een authentieke sfeer te geven. Het lijkt net of alles hier al honderden jaren staat.

Zelfs het zwembad is zo sfeervol!

Mariët en ik slapen allebei in een prachtige modern ingerichte kamer. Je wilt toch meteen in dit bed gaan liggen?



Als ik de deuren opensla, heb ik prachtig uitzicht en hoor ik vogeltjes fluiten.

Zo’n warm welkom bij Les Sources de Caudalie – waanzinnig.


De ruime, moderne badkamer, vol met Caudalie producten.

Je logeert bij Les Sources de Caudalie in deze periode vanaf zo’n €260 per nacht.



Het hele weekend waren we razend druk en vlogen we van afspraak naar afspraak, hier hebben we even een uurtje de tijd om te zitten en een wijntje te drinken. Hoe lekker is dat.


Voor het eten eventjes de wijnvelden in tijdens de zonsondergang.


Je ziet het wel: ik word hier heel blij van.


We dineren bij La Table du Lavoir. Ze serveren bistro-style eten met veel producten uit de regio.

Als voorgerecht een groentetaartje met avocado.

Onvermijdelijk in Frankrijk: eendenborst. Zo lekker!

Deze frietjes! Oh. Te lekker.

Baars met risotto.

Na gegrilde vijgen met shortbread en roomijs. Het eten is ontzettend lekker, puur van smaak, met aandacht bereid. Mijn vis smaakt is lekker krokant en de romige risotto erbij maakt het een heerlijk gerecht.
We rollen hierna fijn ons mega comfortabele bed in. Wat een waanzinnig fijne dag! Tot morgen voor mijn laatste verslag van deze trip.